Vino Amore

Languedoc

Met bijna 400.000 hectare wijnbouwgrond is Languedoc-Roussillon het grootste wijnbouwgebied ter wereld. Het is drie keer zo groot als Bordeaux of het totale wijngaardareaal van Australië. Een derde van alle Franse wijnen komt uit Languedoc-Roussillon. Het gebied begint ten westen van de stad Nîmes en loopt door tot Perpignan aan de voet van de Pyreneeën. De wijngaarden liggen langs de kust van de Middellandse Zee, soms zelfs direct aan zee. De afstand tot die kust is vaak minder dan 50 kilometer. De enorm uitgestrekte wijngaarden op de vlakte tussen de zee en de hellingen brengen IGP-wijnen voort. De meeste kwaliteitswijngaarden liggen tegen de hellingen: de coteaux. Dat zijn uitlopers van het gebergte de Cevennen (Frans: Cévennes). De wijngaarden liggen verspreid over vier departementen: Aude, Gard, Hérault en Pyrénées-Orientales. Het is een ideaal wijngebied. Het klimaat is stabiel en warm en het gebergte zorgt ‘s nachts voor afkoeling. Dit heeft een gunstig effect op de aroma’s van de druiven. De bodem is gevarieerd: in de kuststreken veel kalk, in de heuvels veel leisteen. Door deze ideale omstandigheden hoeft de wijnboer de wijngaarden nauwelijks tegen ziekten te behandelen. Languedoc was jarenlang een groot productiegebied van eenvoudige drinkwijnen voor lokaal gebruik. Wijnmakers gebruikten vooral het druivenras Aramon. De rendementen lagen vaak boven de 200 hectoliter per hectare. Door deze enorme productie was het gebied welvarend. In 1970 produceerde Languedoc 20 miljoen hectoliter alledaagse wijn. Het gebied raakte in verval door een daling van de afzet op de thuismarkt. De wijnen hadden weinig karakter en waren daardoor slecht opgewassen tegen de toenemende internationale concurrentie. Rond 1980 kwam hier verandering in. Investeerders kochten voor weinig geld de vervallen domaines, her­beplantten de wijngaarden met populaire rassen en investeerden in wijnkelders en installaties. Sinds­dien is Languedocwijn sterk verbeterd en in aanzien gestegen. Dankzij de nieuwe investeringen maakt Languedoc tegenwoordig aantrekkelijke wijnen. Er zijn nieuwe lokale appellations toegekend. De streek wordt nu ‘het Australië van Frankrijk’ genoemd, vanwege de toepassing van moderne technieken. Languedoc-Roussillon produceert vooral veel witte en rode wijnen die als IGP op de markt komen. De rode AOP-wijnen zijn van zeer rijpe druiven gemaakt en vaak krachtig. Grenache, Carignan, Mourvèdre, Syrah, Cinsault en Lledoner Pelut zijn de meest voorkomende druivenrassen in deze rode wijnen, hoewel Carignan steeds minder vaak wordt aangeplant. Voor IGP-wijnen gebruiken wijnboeren vaak populaire druivenrassen als de witte Chardonnay, Sauvignon en Viognier en de blauwe Cabernet Sauvignon en Merlot. Er wordt in het gebied veel geëxperimenteerd met de aanplant van nieuwe druivenrassen: Pinot noir, Sangiovese, Tempranillo, Albariño, Gewurztraminer en Maccabeu. Macération carbonique is een veel toegepaste vinificatietechniek voor rode wijnen (zie § 4.5.2). Beaujolais gebruikt deze techniek ook; daar met als doel wijnen zo snel mogelijk te vinifiëren en op de markt te brengen. Ook de wijnen van Languedoc-Roussillon krijgen door het toepassen van de macération carbonique een jonge en fruitige smaak. Macération carbonique wordt vooral toegepast op het druivenras Carignan. Veel wijnmakers maken een assemblage. Ze mengen wijnen van verschillende rassen én wijnen die met uiteenlopende vinificatiemethoden zijn gemaakt. Zo combineren ze klassieke methoden als houtlagering met moderne methoden als macération carbonique. In Limoux produceren wijnboeren op kleine schaal goede mousserende wijnen. Deze maken ze volgens de méthode traditionnelle (zie § 4.5.4), met uitzondering van Blanquette de Limoux. Die wordt gemaakt volgens de méthode ancestrale: de wijn gaat op fles als de gisting nog niet helemaal is voltooid. Door de nagisting op fles ontstaan belletjes. Languedoc-Roussillon is de grootste producent van Vins Doux Naturels (VDN). Enkele appellations, zoals Muscat de Lunel, gebruiken hiervoor alleen de Muskaat­druif. In andere appellations, zoals Rivesaltes, zijn ook andere druivenrassen toegestaan. In 1290 ontdekte Arnaud de Villeneuve de methode om Vin Doux Naturel te maken. De wijnmaker laat de most slechts gedeeltelijk vergisten. Lang voordat de vergisting voltooid is, voegt hij pure alcohol toe. Doordat het alcoholpercentage boven 15 procent uitkomt, sterven de gistcellen en kunnen de suikers niet meer in alcohol worden omgezet. De onvergiste suikers blijven achter, waardoor de wijn zoet blijft. Het alcoholpercentage van Vin Doux Naturel ligt tussen de 15 en 18 procent.